Mats’ moeder is stemacteur en moet een nieuwe televisieserie inspreken, daarom gaat ze vier weken in het zuiden van Zweden wonen. Mats gaat mee en heeft daar veel zin in: daar kan hij eindelijk écht zichzelf zijn. In Stockholm is dat helaas ingewikkeld: Mats is nog niet zo lang geleden uit de kast gekomen als trans, hij is als meisje geboren. In zijn klas gaat niet iedereen er goed mee om en ook zijn vader vindt het ingewikkeld.
In het appartementencomplex waar ze tijdelijk gaan wonen, ontmoet hij Killian, een stoere jongen waar Mats eerst een beetje bang voor is. Als ze elkaar daarna weer tegenkomen, blijkt hij eigenlijk heel erg aardig te zijn. Al snel worden ze niet alleen beste vrienden, maar ook bloedbroers. Er is alleen één probleem: Mats durft Killian niet te vertellen dat hij trans is.
Jenny Jägerfeld is een bekroonde Zweedse schrijfster, maar ze heeft ook als psychologe veel gewerkt met (trans) kinderen en jongeren. Dat verklaart waarschijnlijk hoe ze haar lezer zo dicht bij de belevingswereld van Mats kan brengen. Mijn broer is een baas laat op een inzichtelijke manier een aantal worstelingen zien waar trans kinderen mee te maken krijgen, waaronder onbegrip van ouders en klasgenoten, maar ook de problemen die een dagje strand met zich mee brengt. Jägerfeld maakt gelukkig gebruik van zowel spanning als humor, waardoor het verhaal nergens te zwaar wordt.
TIP!
Op zoek naar meer 11+-boeken met een transgender hoofdpersoon? Net als Mijn broer is een baas geeft ook George een bijzonder inkijkje in het leven van iemand die worstelt met genderidentiteit. Beide boeken horen in elke schoolbibliotheek thuis vanwege hun zeggingskracht: ze zorgen voor herkenning bij transgender kinderen en voor meer begrip bij cisgender kinderen.